Laloux ontmoet Rijnlands Organiseren (1)
Gepubliceerd door Jaap Peters op 20 juli 2026
Sommige managementboeken verdwijnen na enkele jaren geruisloos uit de boekenkast. Andere blijven terugkomen in gesprekken, opleidingen en bestuurskamers. Reinventing Organizations van Frédéric Laloux behoort zonder twijfel tot die laatste categorie. De Engelstalige versie verscheen oorspronkelijk in 2014 en groeide uit tot een internationaal fenomeen. Inmiddels zijn er meer dan een miljoen exemplaren verkocht, in meer dan twintig talen, en nog altijd verwijzen bestuurders, adviseurs en professionals ernaar wanneer zij op zoek zijn naar een andere manier van organiseren.
Méér betekenis en zingeving op het werk. Het kan!
Dat roept een interessante vraag op. Waarom spreekt juist dit boek zoveel mensen aan? En misschien nog interessanter: waarom herkennen zoveel mensen die zich thuis voelen in het Rijnlandse gedachtegoed ook iets van zichzelf in Laloux?
Op het eerste gezicht is dat niet zo vreemd. Zowel Laloux als het Rijnlandse organiseren zetten vraagtekens bij een organisatiecultuur waarin controle, planning, hiërarchie en prestatie-indicatoren steeds dominanter zijn geworden. Beiden vertrekken vanuit het vertrouwen dat professionals, wanneer zij ruimte krijgen, vaak betere afwegingen maken dan systemen vooraf kunnen bedenken. Niet de regels staan centraal, maar de bedoeling van het werk. Niet het managementmodel, maar de kwaliteit van het vakmanschap. Juist daarom wordt ook Stichting Buurtzorg door beide stromingen vaak als inspirerend voorbeeld genoemd.
Toch zou het jammer zijn om Laloux uitsluitend te lezen als pleitbezorger van zelfsturing. Zijn boek gaat over veel meer dan dat. Hij beschrijft organisaties waarin mensen zichzelf niet hoeven op te delen in een professionele en een persoonlijke identiteit. Hij spreekt over wholeness, over een gezamenlijk gedragen bedoeling (evolutionary purpose) en over vormen van samenwerking die minder afhankelijk zijn van traditionele hiërarchie. Daarmee heeft hij een taal gegeven aan een verlangen dat veel professionals al langer voelden, maar moeilijk onder woorden konden brengen.
Ook binnen het zogenaamde Rijnlandse organiseren herkennen we dat verlangen. Niet omdat Rijnlands organiseren een blauwdruk biedt voor "de ideale organisatie", maar omdat het uitgaat van vertrouwen in vakmanschap, professionele ruimte en menselijke maat. In beide benaderingen staat de vraag centraal hoe organisaties weer dienend kunnen worden aan het werk waarvoor zij ooit zijn opgericht.
En toch is daarmee niet het hele verhaal verteld.
Juist omdat de overeenkomsten zo groot zijn, wordt het interessant om ook de verschillen meer zorgvuldig te onderzoeken. Niet om een winnaar aan te wijzen, maar omdat verschillende vertrekpunten vaak leiden tot andere accenten. Laloux kijkt vooral naar een nieuwe generatie organisaties en de ontwikkeling van bewustzijn. Het Rijnlandse denken is historisch sterker geworteld in vakmanschap, subsidiariteit (dat taken en beslissingen op het laagst mogelijke en meest geschikte niveau worden afgehandeld) en de gemeenschap waarin dat vakmanschap tot bloei komt.
In deze serie van ongeveer 5 korte artikelen wil ik daarom geen vergelijking maken in termen van beter of slechter. Integendeel. Frédéric Laloux heeft het internationale debat over organiseren vermoedelijk blijvend beïnvloed. Ruim tien jaar later is het juist interessant om te onderzoeken waar zijn inzichten en het Rijnlandse gedachtegoed elkaar ontmoeten, waar zij elkaar aanvullen en waar zij misschien een ander alternatief perspectief kiezen.
Want juist in dat gesprek valt nog veel te ontdekken.